Spataderbehandeling: Sclerocompressietherapie (dichtspuiten)

Door het inspuiten van een speciale vloeistof in de spatader, die vervolgens wordt afgedrukt met een steunkous of drukverband, komt een reactie in de ader op gang. Deze reactie zorgt ervoor dat de ader dichtplakt. Na verloop van tijd is de spatader veranderd en nauwelijks meer te zien. Het inspuiten van de vloeistof gebeurt met een heel dun naaldje. Vaak zijn er meerdere prikjes nodig.

Deze behandeling vindt alleen plaats als:

  • de stamader gezond is;
  • de stamader al is behandeld door middel van een laserbehandeling;
  • sprake is van spataderen in de zijtakken van de stamader, zogenaamde zijtakvarices.

Na het dichtspuiten van  spataderen wordt een steunkous om het been aangelegd. Die moet ervoor zorgen dat de vorming van bloeduitstortingen beperkt blijft en dat de spataderen worden dichtgedrukt. Na de sclerocompressietherapie draag je de kous één week. Als je de kousen alleen overdag draagt, wordt geadviseerd om deze aan te doen voordat je uit bed komt en die bij het naar bed gaan pas weer uit doet.